Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Google Translate:
Terugbetaalbaar
Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.
Terugbetalingstarief
€ 2,00 (6% inclusief btw)
Verhoogde tegemoetkoming
€ 1,00 (6% inclusief btw)
Dit product moet worden goedgekeurd door de apotheker. Dit kan even duren.
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen.
Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Verlaagde magnesiumwaarde In klinische onderzoeken deden zich serummagnesiumwaarden voor van < 1,4 mg/dl (0,58 mmol/l) bij 7,1% van de volwassen patiënten die werden behandeld met patiromer, en ontwikkelde 0,3% van de patiënten serummagnesiumwaarden van <1,0 mg/dl (0,4 mmol/l). De gemiddelde afnames in serummagnesium waren 0,137 mg/dl (0,0564 mmol/l) of minder. In een klinisch onderzoek met pediatrische patiënten was de gemiddelde afname in serummagnesium na 26 weken 0,35 mg/dl (0,1440 mmol/l). Gedurende het pediatrische klinische onderzoek bereikte geen enkele patiënt een serummagnesiumwaarde van < 1,4 mg/dl (0,58 mmol/l). Serummagnesium moet gedurende ten minste 1 maand na het starten van de behandeling en indien klinisch geïndiceerd tijdens de behandeling worden bewaakt en er moeten magnesiumsupplementen worden overwogen voor patiënten met een verlaagde serummagnesiumwaarde (zie rubriek 4.8). Maag-darmstelselaandoeningen Patiënten met een voorgeschiedenis van darmobstructie of ingrijpende gastro-intestinale chirurgie, ernstige gastro-intestinale aandoeningen of slikstoornissen werden niet opgenomen in het klinische onderzoek. Gastro-intestinale ischemie, necrose en/of intestinale perforatie zijn gemeld bij andere kaliumbinders. De voordelen en risico's van het toedienen van patiromer moeten voor en tijdens de behandeling nauwkeurig worden beoordeeld bij volwassen en pediatrische patiënten die op dit moment een maag-darmstelselaandoening hebben of deze in het verleden hebben gehad. Patiromer stopzetten Wanneer behandeling met patiromer wordt stopgezet, kan de serumkaliumwaarde stijgen met als gevolg terugkerende hyperkaliëmie, vooral indien de behandeling met renine-angiotensine�aldosteronsysteem (RAAS)-remmers wordt voortgezet. Patiënten moet worden gevraagd hun behandeling niet stop te zetten zonder overleg met hun arts. Een verhoging van serumkalium kan al voorkomen 2 dagen na de laatste dosis patiromer. Er is beperkte informatie beschikbaar over de serumkaliumwaarde bij pediatrische patiënten na stopzetting van patiromer. Serumkaliumspiegel De serumkaliumspiegel moet worden bewaakt volgens de standaardpraktijk wanneer dit klinisch is geïndiceerd, o.a. nadat het gebruik is gewijzigd van geneesmiddelen die invloed hebben op de concentratie kalium in het serum (bijv. RAAS-remmers of diuretica) en nadat de dosis patiromer is getitreerd of stopgezet. Beperkingen van de klinische gegevens Ernstige hyperkaliëmie Er is beperkte ervaring bij patiënten met een serumkaliumspiegel hoger dan 6,5 mmol/l. Bij de pediatrische populatie is de ervaring beperkt tot patiënten met een serumkaliumspiegel tot maximaal 6,2 mmol/l. Veltassa dient niet te worden gebruikt als noodbehandeling bij levensbedreigende hyperkaliëmie vanwege de vertraagde intreding van de werking (zie rubriek 4.2). Langdurige blootstelling Er zijn beperkte gegevens uit klinische onderzoeken bij volwassenen waarbij de blootstelling één jaar of langer was. Er zijn geen klinische onderzoeken uitgevoerd bij pediatrische patiënten waarbij de blootstelling langer was dan 6 maanden. Een behandeling die langer duurt dan 6 maanden dient daarom met voorzichtigheid plaats te vinden bij adolescenten in de leeftijd van 12 tot en met 17 jaar. Informatie over sorbitol Veltassa bevat sorbitol als onderdeel van het tegenioncomplex. Het sorbitolgehalte bedraagt ongeveer 4 g (10,4 kcal) per 8,4 g patiromer en ongeveer 0,5 g (1,2 kcal) per 1 g patiromer. Patiënten met erfelijke fructose-intolerantie dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken. Informatie over calcium Veltassa bevat calcium als onderdeel van het tegenioncomplex. Calcium wordt gedeeltelijk vrijgegeven en het kan zijn dat een deel daarvan wordt geresorbeerd (zie rubriek 5.1). De voordelen en risico's van het toedienen van dit geneesmiddel moeten nauwkeurig worden beoordeeld bij volwassen en pediatrische patiënten die het risico lopen op hypercalciëmie. Het serumcalciumgehalte moet gedurende ten minste 1 maand na het starten van de behandeling en indien klinisch geïndiceerd tijdens de behandeling worden bewaakt.
Veltassa is geïndiceerd voor de behandeling van hyperkaliëmie bij volwassenen en adolescenten in de leeftijd van 12 tot en met 17 jaar.
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie Effect van patiromer op andere geneesmiddelen Patiromer kan mogelijk binden met enkele orale geneesmiddelen die gelijktijdig worden toegediend, wat een afname van de gastro-intestinale resorptie ervan kan veroorzaken. Er werd geen toegenomen biologische beschikbaarheid van gelijktijdig toegediende geneesmiddelen waargenomen in de uitgevoerde onderzoeken naar geneesmiddelinteractie. Patiromer wordt niet geabsorbeerd of gemetaboliseerd door het lichaam, en heeft daarom geringe invloed op de werking van andere geneesmiddelen. Als voorzorgsmaatregel en op basis van de gegevens die hieronder zijn samengevat, moet patiromer ten minste 3 uur voor of na andere orale geneesmiddelen worden toegediend. Onderzoeken in vivo Gelijktijdige toediening met patiromer had geen invloed op de biologische beschikbaarheid zoals gemeten door het oppervlak onder de curve (AUC) van amlodipine, cinacalcet, clopidogrel, furosemide, lithium, metoprolol, trimethoprim, verapamil en warfarine. Voor deze geneesmiddelen is er geen scheiding nodig. Uit gelijktijdige toediening met patiromer bleek een verlaagde biologische beschikbaarheid van ciprofloxacine, levothyroxine en metformine. Er was echter geen interactie wanneer patiromer en deze geneesmiddelen met 3 uur verschil werden ingenomen. Onderzoek naar interacties is alleen bij volwassenen uitgevoerd. Onderzoeken in vitro Onderzoeken in vitro hebben aangetoond dat er waarschijnlijk geen interactie is tussen patiromer en de volgende werkzame stoffen: allopurinol, amoxicilline, apixaban, acetylsalicylzuur, atorvastatine, azilsartan, benazepril, bumetanide, canagliflozine, candesartan, captopril, cefalexine, dapagliflozine, digoxine, empagliflozine, enalapril, eplerenon, finerenon, fosinopril, glipizide, irbesartan, lisinopril, losartan, olmesartan, perindopril, fenytoïne, quinapril, ramipril, riboflavine, rivaroxaban, sacubitril, sevelameer, spironolacton, tacrolimus, torasemide, trandolapril en valsartan. Onderzoeken in vitro hebben een mogelijke interactie aangetoond tussen patiromer en bisoprolol, carvedilol, mycofenolaatmofetil, nebivolol, quinidine en telmisartan.
Samenvatting van het veiligheidsprofiel De meeste bijwerkingen die werden gemeld tijdens onderzoeken bij volwassen patiënten waren hypomagnesiëmie (1,8%) en gastro-intestinale aandoeningen, met als meest gemelde bijwerkingen constipatie (3,7%), diarree (3%), buikpijn (1,4%), nausea (1,3%) en flatulentie (1%). Gastro-intestinale aandoeningen als reactie waren meestal licht tot matig-ernstig van aard, bleken niet dosisgerelateerd, gingen meestal vanzelf of met behandeling over en werden nooit als ernstig gemeld. Hypomagnesiëmie was licht tot matig-ernstig en 0,3% van de patiënten had een serummagnesiumwaarde van < 1 mg/dl (0,4 mmol/l) (zie rubriek 4.4). Tabel met bijwerkingen Bijwerkingen die werden gemeld tijdens klinische onderzoeken staan hieronder in een lijst geordend per systeem/orgaanklasse en per frequentie. De frequenties worden als volgt gedefinieerd: zeer vaak (≥ 1/10), vaak (≥ 1/100 tot < 1/10), soms (≥ 1/1000 tot < 1/100), zelden (≥ 1/10.000 tot < 1/1000), zeer zelden (< 1/10.000), niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald). Binnen elke frequentiegroep worden de bijwerkingen opgesomd in volgorde van afnemende ernst. MedDRA-systeem/orgaanklasse Vaak Soms Frequentie niet bekend Immuunsysteemaandoeningen Overgevoeligheid(1,2) Voedings- en stofwisselingsstoornissen Hypomagnesiëmie Maagdarmstelselaandoeningen Constipatie(3)* Diarree(4)* Abdominale pijn(5) Nausea Flatulentie* Braken * Bijwerkingen die ook werden gemeld tijdens pediatrische klinische onderzoeken 1 Bijwerkingen gemeld na het in de handel brengen 2 Overgevoeligheidsreacties waren onder andere huiduitslag, urticaria, zwelling in de mondholte en lippen, en waren mild tot matig-ernstig van aard. 3 Constipatie is een verzamelnaam die de termen constipatie en harde ontlasting combineert. 4 Diarree is een verzamelnaam voor diarree en frequente stoelgang. 5 Abdominale pijn is een verzamelnaam die de voorkeurstermen abdominaal ongemak, abdominale pijn, pijn in de bovenbuik en pijn in de onderbuik combineert.
Pediatrische patiënten De veiligheid van patiromer voor de behandeling van hyperkaliëmie is onderzocht in een enkelvoudig onderzoek bij 23 pediatrische patiënten in de leeftijd van 6 tot en met 17 jaar. Het bijwerkingenprofiel dat werd waargenomen bij pediatrische patiënten was grotendeels consistent met het veiligheidsprofiel bij volwassenen. De veiligheid van patiromer is niet onderzocht bij patiënten jonger dan 6 jaar. Er werden bijwerkingen gemeld bij in totaal 4 proefpersonen; 3 in de leeftijdsgroep van 12 tot < 18 jaar en 1 in de leeftijdsgroep van 6 tot < 12 jaar. Bij 2 van deze proefpersonen behoorden de bijwerkingen tot de systeem/orgaanklasse maagdarmstelselaandoeningen, d.w.z. diarree, constipatie, frequente darmbewegingen en flatulentie. De overige bijwerkingen waren verhoogd bloedcalcium en hypokaliëmie. Dit waren allemaal niet-ernstige bijwerkingen en ze waren mild tot matig-ernstig van aard. Melding van vermoedelijke bijwerkingen Het is belangrijk om na toelating van het geneesmiddel vermoedelijke bijwerkingen te melden. Op deze wijze kan de verhouding tussen voordelen en risico's van het geneesmiddel voortdurend worden gevolgd. Beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg wordt verzocht alle vermoedelijke bijwerkingen te melden via het nationale meldsysteem zoals vermeld in aanhangsel V.
Overgevoeligheid voor de werkzame stof of voor een van de in rubriek 6.1 vermelde hulpstoffen.
Zwangerschap Er zijn geen gegevens over het gebruik van patiromer bij zwangere vrouwen. De resultaten van dieronderzoek duiden niet op directe of indirecte schadelijke effecten wat betreft reproductietoxiciteit (zie rubriek 5.3). Uit voorzorg heeft het de voorkeur het gebruik van patiromer te vermijden tijdens de zwangerschap. Borstvoeding Er worden geen effecten op met moedermelk gevoede pasgeborenen/zuigelingen verwacht aangezien de systemische blootstelling van de borstvoeding gevende vrouw aan patiromer verwaarloosbaar is. Er moet worden besloten of borstvoeding moet worden gestaakt of dat behandeling met patiromer moet worden gestaakt dan wel niet moet worden ingesteld, waarbij het voordeel van borstvoeding voor het kind en het voordeel van behandeling voor de vrouw in overweging moeten worden genomen. Vruchtbaarheid Er zijn geen gegevens over het effect van patiromer op de vruchtbaarheid bij de mens. Uit dieronderzoek zijn geen effecten gebleken op de reproductiefunctie of vruchtbaarheid (zie rubriek 5.3).
Veltassa begint 4 tot 7 uur na toediening te werken. Het dient niet te worden ingezet als alternatief voor noodbehandeling bij levensbedreigende hyperkaliëmie (zie rubriek 4.4). Dosering Veltassa wordt eenmaal per dag toegediend. De aanbevolen startdosering van Veltassa varieert met de leeftijd. Er kunnen meerdere sachets worden gebruikt om de gewenste dosis te bereiken. De dagelijkse dosis kan in intervallen van een week of langer worden aangepast, op basis van de hoeveelheid kalium in het serum en het gewenste streefbereik. Het serumkaliumgehalte moet worden bewaakt wanneer dit klinisch is geïndiceerd (zie rubriek 4.4). De duur van de behandeling moet door de behandelend arts individueel worden bepaald op basis van de behoefte aan serumkaliumbeheer. Als het serumkaliumgehalte lager is dan de ondergrens van het gewenste bereik, dient de dosis te worden verlaagd of te worden stopgezet. Toediening van Veltassa dient 3 uur voor of na andere orale geneesmiddelen te gebeuren (zie rubriek 4.5). Volwassenen De aanbevolen startdosering is 8,4 g patiromer, eenmaal per dag. De dagelijkse dosis kan indien nodig worden verhoogd of verlaagd met 8,4 g om het gewenste streefbereik te bereiken, met een maximale dosis van 25,2 g per dag. Adolescenten in de leeftijd van 12 tot en met 17 jaar De aanbevolen startdosering is 4 g patiromer, eenmaal per dag. Pas de dagelijkse dosis patiromer aan op basis van het serumkaliumgehalte en het gewenste streefbereik, met een maximale dosis van 25,2 g per dag. Het wordt aanbevolen om over te stappen op patiromer sachets van 8,4 g indien doses boven 7 g nodig zijn. Gemiste dosis Indien een dosis wordt overgeslagen, moet de overgeslagen dosis zo snel mogelijk genomen worden op dezelfde dag. De overgeslagen dosis mag niet met de volgende dosis worden genomen. Speciale populaties Ouderen Er zijn geen speciale dosis- en toedieningsrichtlijnen aanbevolen voor deze populatie. Patiënten met nierdialyse Er zijn beperkte gegevens beschikbaar over het gebruik van patiromer bij patiënten met nierdialyse. Er waren geen speciale dosis- en toedieningsrichtlijnen van kracht voor deze patiënten in klinische onderzoeken. Er zijn geen pediatrische patiënten die dialyse ondergaan behandeld met patiromer. Patiënten met terminale nierziekte Patiromer is onderzocht bij slechts een beperkt aantal patiënten met een geschatte glomerulaire filtratiesnelheid (eGFR) < 15 ml/min/1,73 m². Pediatrische patiënten De veiligheid en werkzaamheid van patiromer bij kinderen jonger dan 12 jaar zijn nog niet vastgesteld. De gegevens bij adolescenten van 12 tot en met 17 jaar zijn beperkt tot blootstelling gedurende 6 maanden. Een behandeling die langer duurt dan 6 maanden dient daarom met voorzichtigheid plaats te vinden bij adolescenten in de leeftijd van 12 tot en met 17 jaar (zie rubriek 4.4). Wijze van toediening Oraal gebruik. Veltassa moet op de volgende manier worden gemengd met water en geroerd tot een uniforme consistentie. De aanbevolen totale volumes voor de bereiding van de suspensie zijn dosisafhankelijk: • 1 g patiromer: 10 ml • 2 g patiromer: 20 ml • 3 g patiromer: 30 ml • 4 g patiromer: 40 ml • > 4 g patiromer: 80 ml De suspensie moet worden bereid volgens de volgende stappen: • De eerste helft van het aanbevolen volume voor de benodigde dosis moet in een glas worden gegoten en de volledige dosis patiromer moet worden toegevoegd en vervolgens worden geroerd. • De tweede helft van het aanbevolen volume moet worden toegevoegd en de suspensie moet opnieuw grondig worden geroerd. Het poeder zal niet oplossen. Indien gewenst kan er nog meer water aan het mengsel worden toegevoegd voor de gewenste consistentie. Grotere volumes kunnen echter leiden tot een versnelde neerslag van het poeder. Het mengsel moet binnen 1 uur na de initiële suspensie worden ingenomen. Indien er na inname nog poeder in het glas achterblijft, moet er meer water worden toegevoegd en moet de suspensie worden geroerd en direct worden ingenomen. Dit kan indien nodig worden herhaald om ervoor te zorgen dat de volledige dosis is ingenomen. Voor de bereiding van het mengsel kunnen, naar persoonlijke voorkeur, in plaats van water de volgende vloeistoffen of zachte voedingsmiddelen worden gebruikt, waarbij dezelfde stappen moeten worden gevolgd als hierboven beschreven: appelsap, cranberrysap, ananassap, sinaasappelsap, druivensap, perensap, abrikozennectar, perziknectar, yoghurt, melk, verdikkingsmiddel (bijvoorbeeld maïszetmeel), appelmoes, vanille- en chocoladepudding. Het kaliumgehalte van vloeistoffen of zachte voedingsmiddelen die worden gebruikt voor de bereiding van het mengsel moeten worden beschouwd als onderdeel van de voedingsadviezen met betrekking tot de kaliuminname voor iedere afzonderlijke patiënt. Over het algemeen dient het drinken van cranberrysap te worden beperkt (bijvoorbeeld minder dan 400 ml per dag) vanwege de mogelijke interactie met andere geneesmiddelen. Dit geneesmiddel kan zowel met als zonder de maaltijd worden ingenomen. Het mag niet worden opgewarmd (bijv. in een magnetron) of worden toegevoegd aan warm voedsel of warme vloeistoffen. Het mag niet in droge vorm worden ingenomen. Toediening via een nasogastrische (NG) of percutane endoscopische gastrostomie (PEG) sonde: voor doses tot 8,4 g patiromer moet de suspensie worden bereid zoals hierboven beschreven in de rubriek met betrekking tot orale toediening. Voor doses boven 8,4 g en tot 16,8 g patiromer moet een totaal volume van 160 ml worden gebruikt en voor doses boven 16,8 g en tot 25,2 g patiromer een totaal volume van 240 ml. Deze volumes zorgen ervoor dat de suspensie gemakkelijk door de sondes stroomt. Compatibiliteit is aangetoond met sondes gemaakt van polyurethaan, siliconen en polyvinylchloride. De aanbevolen diameter van de sondes is 2,17 mm (6,5 Fr) of groter. Na toediening moet de sonde worden doorgespoeld met water. Voor instructies over verwijdering, zie rubriek 6.6.
| CNK | 4929543 |
|---|---|
| Organisaties | Abacus Medicine |
| Hoeveelheid verpakking | 8.4 |
| Actieve ingrediënten | patiromer sorbitex calcium |
Onmiddellijk beschikbaar: direct af te halen in de muurautomaat na online betaling. - Op voorraad: meteen af te halen in de apotheek tijdens openingsuren. - Op bestelling: je ontvangt een afhaalcode zodra het klaarstaat (automaat of apotheek).